Skip to Main Content
It looks like you're using Internet Explorer 11 or older. This website works best with modern browsers such as the latest versions of Chrome, Firefox, Safari, and Edge. If you continue with this browser, you may see unexpected results.

MLA: Verwijzen naar literatuur in MLA-stijl

Leer verwijzen naar literatuur volgens de richtlijnen van de Modern Language Association of America.

Verwijzen in de tekst: basisprincipes

Basisprincipes

In je betoog is het van groot belang dat je duidelijk maakt waar je informatie vandaan komt. Als je informatie gebruikt uit een andere bron moet je een bronvermelding opnemen. Dit geldt als je letterlijk citeert, maar ook als je ideeën van andere onderzoekers in je eigen woorden bespreekt. Zorg dat altijd duidelijk is wat je eigen ideeën zijn en welke ideeën je uit een andere bron hebt.

Een verwijzing in de tekst moet de lezer zo bondig en helder mogelijk naar de juiste titel in de bibliografie leiden. 

 

​Uit welke elementen bestaat mijn verwijzing?

De verwijzing in MLA-stijl bestaat uit de auteur(s) plus een pagina(bereik): ​

"De studieresultaten van studenten verbeteren sterk na het lezen van online handleidingen op de UB-website (De Vries 54-63)."

Een paginabereik is niet nodig wanneer je naar het werk als geheel verwijst.

 

Auteur in de lopende tekst noemen

De auteur of auteurs kunnen ook in de lopende tekst genoemd worden. Dit onderbreekt het betoog minder en is bovendien een explicietere manier om duidelijk te maken dat je een ander onderzoek bespreekt:

"Uit onderzoek van Jan de Vries is gebleken dat de studieresultaten van studenten sterk verbeteren na het lezen van online handleidingen op de UB-website (54-63)."

 

Meerdere bronnen in één verwijzing

Scheid de bronnen met een punt-komma:

(Scott 19; Geltner 100-119)​

Verwijzen met auteursnaam

Eén auteur:

(De Vries 54-63)

Twee auteurs:

(Marsh and Thomson 12-20)​

 

Drie of meer auteurs:

(Brown et al. 359)

Gebruik alleen de eerste naam en vervolg met "et al."

 

Institutionele auteur:

(United Nations 103)

Meerdere auteurs met dezelfde achternaam

Om ambiguïteit te voorkomen zul je soms meer informatie moeten geven over je bron. Het moet altijd duidelijk zijn naar welke bron in de literatuurlijst je verwijzing refereert.

 

​Meerdere auteurs met dezelfde achternaam:

​Literatuurlijst:

​- ​Davies, Janet. The Welsh Language: A History. ​U of Wales P, 2014.

- Davies, Robert R. Domination and Conquest​The Experience of Ireland, Scotland and Wales, 1100-1300. ​Cambridge UP, 1990.

 

Verwijzing​​​: voeg de eerste initiaal toe.

​(J. Davies 25)

(R. Davies 60-95)

 

Meerdere werken van één auteur

Literatuurlijst:

​- Davies, Robert R. Domination and Conquest: The Experience of Ireland, Scotland and Wales, 1100-1300. Cambridge UP, 1990.

- ---. "'Keeping the Natives in Order': The English King and the 'Celtic' Rulers, 1066-1216." ​Peritia​, vol. 10, 1996, pp. 212-224.

(gebruik "---" in je literatuurlijst om aan te geven dat het werk van dezelfde auteur als erboven is)

 

Verwijzing:​ Voeg een verkorte titel toe.

(Davies, Domination ​14-16)

(Davies, "Keeping" 212)

Verwijzen zonder auteur

In sommige gevallen begint je bronvermelding in de literatuurlijst niet met een auteur. Dit is bijvoorbeeld het geval bij anonieme werken en werken waarbij de uitgever tevens de auteur is. In dat geval geef in je bronverwijzing in de tekst de verkorte titel:

 

​Literatuurlijst:

- Mariken van Nieumeghen & Elckerlijc: zonde, hoop en verlossing in de late Middeleeuwen. Translated by Willem Wilmink, edited by Bart Ramakers, Prometheus / Bakker, 1998.

- ​MLA Handbook. 8th ed., Modern Language Association of America, 2016.

 

Verwijzing in de tekst:

​De titel kun je (verkort) in de verwijzing zetten (voorbeeld 1) of in de lopende tekst noemen (voorbeeld 2):

1) "​​Twee principes zijn belangrijk bij het verwijzen in de tekst. Ten eerste moet een verwijzing de lezer eenduidig naar de juiste bron in de literatuurlijst leiden. Ten tweede moet de verwijzing zo min mogelijk storen in de lopende tekst (MLA ​54)."

2) "Mariken van Nieumeghen begint met een aanduiding van tijd en plaats (46-47)."